Veganisme

 

 

Veganimse is een levenswijze waarbij men niets eet dat dierlijk is, of van dierlijke afkomst. De reden hiervoor is het respect voor alles dat leeft en dus ook voor jezelf.

In principe is er geen verschil tussen het eten van een mens of een dier. De mens heeft dit verschil echter zelf gecreëerd door zichzelf op de voorgrond van het leven te gaan plaatsen.

In de ogen van Moeder natuur of de grote geest zijn we allen gelijk en is elk schepsel een deel van haar geheel en daardoor noodzakelijk voor haar zelfbehoud. Als mens ga je ook geen voet afhakken omdat je je handen belangrijker vind of meer nodig zou hebben.

Het is perfect mogelijk dat mens en dier zoals in een paradijs in vrede naast elkaar leven. Kijk maar naar de indiase tempels die zijn opgericht om goden te eren, waar mens en dier naast elkaar leven zonder dat ze ziektes verspreiden. Dit is het gevolg van de afwezigheid van stress. Stress is de belangrijkste oorzaak van ziekten, omdat stress de immuniteit vermindert. Indien de immuniteit vermindert kunnen indringers sneller het lichaam gaan aantasten. Dit fenomeen zien we vooral bij de vleeseters omdat hun lichaam dient te jagen met als gevolg stress en agressie. Het supperieure gedrag van de mens dat zich boven de dieren heeft geplaats maakt dat de natuurlijke variëteit op aarde dat nodig is om zijn oorspronkelijke paradijselijke toestand te behouden word vernietigt met als gevolg onevenwicht met als gevolg verdringing van het ene diersoort boven de andere. Deze extremen hebben tot gevolg dat diersoorten waar de mens ook toe behoort met elkaar gaan strijden waardoor hun oorspronkelijke goddelijke vredelievende staat verandert in de jager, de strijder, de vleeseter. De paradijselijke staat waar dier en mens drinkt van het zelfde water zoals in de indiase tempels is perfect mogelijk als de mens deze dieren niet meer eet maar in vrede mee samen leeft en enkel nog plantaardig voedsel eet. Oorlog, machtstrijd, concurentie, agressie, zijn de oorzaken dat mensen vlees zijn gaan eten en dat er vleesetende soorten zijn ontstaan. Deze fenomen spelen zich af zowel op land als water. Op beide plaatsen zien we dat er vlees en planteneters zijn. Planteneters leven veel langer dan de vleeseters. Zie olifanten, giraffen, schildpaden versus leeuwen, tijgers, hyena's enz...Dit geld ook voor mensen. Mensen die veganistsich leven leven langer dan de vleeseters. Aangezien planteneters niet in angst leven omdat zij niet dienen te jagen hebben zij ook minder stress tenzij de stress die gepaard gaat met het beschermen van de soort tegen de vleeseters. Aangezien de mens hoeder van het vuur is zijn zij ook de oorzaak dat er vleesetende diersoorten zijn ontstaan. Oorspronkelijk waren alle dieren planteneters inbegrepen de mens. Omdat de mens is gaan jagen en de dieren zich moesten gaan beschermen tegen de mens zijn zij verandert in vleeseters. Het is de verantwoordelijkheid van de mens om dit jacht gedrag dat indruist tegen de oorspronkelijk goddelijke staat te stoppen zodat alle dieren inbegrepen de mens in harmonie naast elkaar kunnen leven en van elkaar kunnen leven. Nl. het feit dat eeuwig leven slechts mogelijk is als we terugkeren naar onze paradijselijke vredelievende staat dus niet door het uitroeien van andere diersoorten of het verlengen van ons leven op kunstmatige wijze welke indruist tegen de wetten van de natuur. Eeuwig leven is het gevolg van opgaan in het eenheidslichaam dat pas doorleeft kan worden als ons lichaam één word met elk ander lichaam en ons lichaam dus ervaren word als een lichaam dat onderling afhankelijk is van alle andere lichamen ipv daarvan afgezondert. Alleen dit bessef stelt ons instaat eeuwig leven te hebben. Eeuwig leven kan nooit ervaren worden in afzondering maar slechts in onderlinge afhankelijkheid. Onderlinge afhankelijkheid kan slecht ervaren worden in dankbaarheid voor alles wat leeft. De illusie een lichaam te zijn dat lostaat van alle andere lichamen, bellet ons om deze eeuwige waarheid te ervaren. Een afgezonderde ziel gaat verloren, maar een verbonden ziel leeft in alles, voor en na hem. Als de paradijselijke staat terug kan herwonnen worden, ten gevolge van wijzigingen, in het gedrag van de mens nl. van vleeseter naar planteneter, geeft de grote geest de mens zijn eenheidslichaam terug. Het onstaan van het eenheidslichaam is een natuurlijk gevolg van een bewustzijnsverandering bij de mens, waarbij, vijandigheid, agressie en macht getransformeert worden in onvoorwaardelijke liefde, dan pas kan hij de onvoorwaardelijke liefde van de Grote geest ontvangen en word één met het eeuwige eenheidslichaam. Het is dus een natuurlijk gevolg van de bewustzijnstoestand waarin de mens verkeerd. Deze veranderde bewustzijnstoestand verandert het gedrag, en het gedrag verandert zijn lichaam, van vleeseter over planteneter naar het eenheidslichaam dat rechtstreeks eet uit het hart van de grote geest en daarmee uiteindelijk rust vind. Deze toestand kan slechts bereikt worden door een groot ontzag en mededogen te koesteren voor alles dat leeft. In deze toestand bestaat vorm niet meer en word het leven ervaren als een leegte van vorm of een opgaan in alles. In deze staat is er van vleedelijk lichaam geen sprake meer. Het lichaam is hier geest geworden. In deze toestand is het onmogelijk om de aarde of zichzelf te bevuilen of misbruiken omdat er geen fysiek lichaam meer is en dus ook geen ziekten. Ver gevorderde zielen hebben dus ook geen last van ziekten waarmee de materiële mens wel te kampen heeft. Vervuiling en industrialisering heeft geen invloed op deze wezens, er is echter wel een groot verlangen aanwezig om terug te keren naar deze oorspronkelijke staat. Dit verlangen leeft in elke ziel die van deze bron afkomstig is vaak onderbewust omdat velen zielen ver zijn afgedwaalt van hun goddelijke staat, momenteel het grootste deel van de mensheid. In deze levensfasen van de aarde zijn er altijd mensen of zielen opgestaan om de verdwaalde massa terug de weg te wijzen naar huis. Het fysieke lichaam van de mens leeft nu vrij lang omdat het kunstmatig in leven word gehouden. Het geestelijk lichaam sterft echter tijdens dit kunstmatig in leven houden sneller af omdat het kunstmatig in leven houden indruist tegen de principes van de grote geest of de principes van het eenheidservaren met als gevolg dat de mensheid langzamerhand uitsterft. Zijn taak als hoeder van het vuur gaat verloren en Moeder aarde met al haar natuurlijke bronnen sterft langzaam uit.